dikkedarmkanker

De behandeling van uitgezaaide darmkanker

Men spreekt van uitgezaaide dikkedarmkanker als buiten de darm afwijkende tumoren aantoonbaar zijn.  De uitzaaiing kan zich beperken tot de lokale lymfklieren (stadium III), maar er kan ook  uitzaaiing zijn naar de lever, de longen, het  buikvlies of een ander organen. Bij uitzaaiing (metastasering) op afstand  spreekt men van stadium IV.  Jaarlijks zijn er in Nederland meer dan 5000 patiënten die worden getroffen door dikkedarmkanker stadium IV. De omvang van de metastasering kan worden vastgelegd middels een CT scan.  In het kader van behandeling zal antwoord moeten worden gegeven op de vraag of een operatie voor verwijdering van het darmproces noodzakelijk is.  De chirurg zal niet bij alle patiënten een operatie voorstellen.  Alleen indien risico bestaat voor obstructie van de darmpassage zal een operatie worden uitgevoerd. Voor een klein aantal patiënten is het mogelijk metastasen in de lever operatief te verwijderen. Als metastasen zijn vastgesteld zal worden getracht middels chemokuren de  afwijkingen te verkleinen. Indien slechts enkele metastasen resteren dan kan met een lokale behandeling de metastase worden verwijderd.  Lokale behandelingen zijn:  radiofrequente ablatie  (RFA) of Microwave ablatie  en embolisatie met o.a. injectie van een chemische stof of een radioactieve stof (Yttrium-90).

Mogelijkheden voor chemotherapie

Patiënten met dikkedarmkanker stadium III worden behandeld met een combinatie van capecitabine en oxaliplatin.   De 5-jaars overleving  bedraagt  60- 70%.

Patiënten met dikkedarmkanker stadium IV worden behandeld met chemokuren met als doel  het ziekteproces tot staan te brengen en de afwijkingen te verkleinen.  Hoe  beter de respons des te langer is de levensverwachting. Voor behandeling met chemokuren zijn meerdere geneesmiddelen beschikbaar.  In de eerstelijn wordt vaak een combinatie van capecitabine (Xeloda), oxaliplatin en bevacizumab (Avastin)   ingezet. Met deze CAPOX-B behandeling wordt bij veel patiënten een goede respons bereikt na 6-8 kuren met een gemiddelde progressievrije overleving van  8.5 maanden. Bij het optreden van progressie wordt opnieuw gestart met CAPOX-B. Patiënten die na de eerste lijn geen positieve respons tonen worden behandeld met andere therapeutica zoals Irinotecan,  Cetuximab of Panitumumab. Alvorens deze behandeling te starten wordt onderzoek gedaan naar K-RAS en BRAF mutaties.  De 5-jaars overleving van darmkanker stadium IV bedraagt 5-10%.

De toepassing van leefstijlinterventie

De doelstelling van de leefstijlinterventie is om na de chemokuren de levensverwachting te verlengen.  Toepassing van leefstijlinterventie voor dikkedarmkanker bestaat uit het volgen van een dieet in combinatie met specifieke voedingssupplementen, vermindering van stress en voldoende lichaamsbeweging.  Tijdens de chemokuren wordt al zo veel mogelijk gestart met de componenten van de leefstijlinterventie.